Lezingen

Voor locatie en aanvangstijd zie Agenda.

De komende lezingen van dit seizoen staan bovenaan. Eerdere lezingen staan eronder. Een lijst met eerdere lezingen met samenvatting en bijbehorende documenten staan in het “Archief”.

Dinsdag 15 december 2020:

Spreker: Frits Sweijen MSc

Frits Sweijen heeft aan de Rijksuniversiteit Groningen de studie Sterrenkunde gevolgd. Bij zijn afstudeeronderzoek heeft hij in zijn Bachelor een radiotelescoop gebouwd met drie medestudenten. Zijn Masteronderzoek ging over stoffige extreem stervormende sterrenstelsels op hoge radiofrequenties. Deze route in de radiosterrenkunde heeft hij voortgezet en momenteel is hij promovendus aan de Universiteit Leiden waar hij onderzoek doet met en aan de LOFAR-telescoop. Met de internationale LOFAR-antennes door heel Europa probeert hij de hemel op lage radio frequenties in het hoogste detail in kaart te brengen.

Onderwerp: Sterrenstelsels op de radio

Vrijwel elk sterrenstelsel in het Universum heeft een supermassief zwart gat in de kern. De evolutie van sterrenstelsels en hun zwarte gaten lijken onlosmakelijk met elkaar verbonden te zijn, maar het bestuderen ervan is niet altijd even makkelijk. De zwarte gaten in zogeheten actieve kernen van sterrenstelsels zenden vaak radiostraling uit. Hierdoor geven radiogolven ons een unieke blik op de hemel om zo de evolutie van sterrenstelsels en zwarte gaten te volgen. Met gevoelige telescopen worden daarom grote surveys in het hele radiospectrum uitgevoerd die deze objecten in groten getale vinden.

Dinsdag 19 januari 2021:

Spreker: Dr. Yamila Miguel

Ik ben astrofysicus en mijn werk is er op gericht onze plaats in het heelal te begrijpen. Ik bestudeer atmosferen, de binnenste structuren en de vorming van planeten in ons zonnestelsel en van exoplaneten.

Geboren in Buenos Aires, Argentinië, en haalde mijn BSc in astronomie in 2007 van La Plata National University. Promotie in 2011 op de vorming van planetaire systemen. Van 2011 tot 2014 was ik postdoctoral fellow aan het Max Planck Instituut voor Astronomie, Heidelberg, waar ik de chemie van de atmosfeer van exoplaneten (rotsachtige en gasreuzen) bestudeerde. Ik werkte tussen 2015 en 2017 op het observatorium van de Côte d´Azur (Henri Poincaré Postdoctoral Fellow en later CNES Postdoctoral Fellow) waar ik de binnenste structuren van gasreuzen bestudeerde als lid van het Juno-missieteam (2016). In 2018 ben ik begonnen als universitair docent aan de Universiteit Leiden, Sterrewacht, waar ik verder ga met het bestuderen van (exo)planeetatmosferen en hun binnenste structuren om een beter begrip van hun ontstaan te krijgen.

Onderwerp: De binnenste structuren van Jupiter onthuld door de Juno-missie

De sleutel om het ontstaan van ons zonnestelsel te begrijpen, ligt in het binnenste en in de atmosfeer van de reuzeplaneten (gasreuzen). Ze waren de eerste planeten die gevormd werden en de meest invloedrijke in de vorming en dynamiek van de kleinere planeten. De reuzeplaneten bevatten cruciale informatie over de vorming van de oernevel die het zonnestelsel heeft voortgebracht en daarmee over de geschiedenis van onze eigen aarde.

We leven in een unieke tijd om de reuzeplaneten te bestuderen. Niet alleen hadden we een prachtige missie zoals Cassini, maar ook het Juno-ruimtevaartuig werd naar Jupiter gestuurd. Het doel was een dieper inzicht te krijgen in de atmosfeer en het binnenste van Jupiter. De eerste resultaten hebben ons begrip van deze planeet fundamenteel veranderd.

In deze lezing laat ik de modellen zien die we gebruiken om de binnenste structuren van Jupiter en Saturnus te begrijpen; de begrenzingen die we vinden met betrekking tot het aantal en de verdeling van zware metalen in het binnenste van de reuzeplaneten. We bespreken daarbij onze nieuwste Juno- en Cassini-resultaten, inclusief een dieper begrip van de zonale stromingen in de atmosfeer van de reuzeplaneten die ons zullen helpen om het ontstaan van Jupiter en Saturnus te verklaren. Voor de Juno-missie zie: https://en.wikipedia.org/wiki/Juno_(spacecraft)

Dinsdag 16 februari 2021:

Spreker: Prof. Dr. Huub de Groot

Prof. Dr Huub de Groot is hoogleraar biofysische organische chemie aan de Universiteit Leiden. Hij studeerde in 1982 af in de natuurkunde (Leiden) en promoveerde in 1986 cum laude op een onderzoek in de vaste-stof-fysica (Leiden). Na zijn promotie twee jaar onderzoek aan het MIT (Boston/Cambridge). In 1998 benoemd tot hoogleraar. Sinds 2009 tevens wetenschappelijk directeur van het Dutch Towards BioSolar Cells Consortium.

Onderwerp: Kraken van CO2 met kunstmatige fotosynthese

Fotosynthese is het proces waarmee planten met hun bladgroen koolstofdioxide uit de lucht halen en met water en zonlicht omzetten in suikers. Prof. de Groot onderzoekt de energieomzetting door eiwitten, membranen en cellen in natuurlijke fotosynthese om met deze kennis directe energieconversie met hoge opbrengst door kunstmatige fotosynthese te realiseren. Deze ontwikkeling kan van groot belang worden bij het verminderen van de hoeveelheid CO2 in onze atmosfeer.

In een promotievideo voor het SUNRISE-initiatief, legt prof. Huub de Groot de ideeën erachter en de te verwachten impact van kunstmatige fotosynthese uit. SUNRISE is een van de zes door de Europese Commissie geselecteerde acties voor het aanpakken van grote technologische en maatschappelijke uitdagingen op het gebied van ICT, gezondheid en energie.

Dinsdag 20 april 2021:

Spreker: Prof. Dr. Henny Lamers

Prof. Henny Lamers studeerde natuurkunde en sterrenkunde in Nijmegen, Utrecht en Princeton (USA). Hij is emeritus hoogleraar Astrofysica en Ruimte-Onderzoek aan de Universiteit Utrecht en de Universiteit van Amsterdam. Zijn onderzoeksterrein bestrijkt vele facetten van de evolutie van sterren, de laatste jaren doet hij onderzoek met de Hubble Space Telescope naar sterhopen en botsende melkwegstelsels. Hij publiceerde rond 450 wetenschappelijke artikelen in internationale vaktijdschriften, zeven vakboeken, en 25 artikelen en vier populaire boekjes voor algemeen publiek. Hij gaf meer dan 500 populaire lezingen over sterrenkunde voor leken in binnen- en buitenland, inclusief een serie van acht lezingen tijdens een ‘rafting trip’ in de Grand Canyon in 2011.

Vanaf 1974 tot zijn emeritaat in 2006 gaf hij colleges aan de Universiteit Utrecht. In 2003 door studenten gekozen als de beste docent. Van 1978 tot 1990 gasthoogleraar aan de Universiteiten van Colorado en Wisconsin en sinds 2004 aan de Universiteit van Washington in Seattle. Van 1992 tot 2000 visiting scientist aan het NASA Goddard Space Flight Center in Washington en het Hubble Space Telescope Institute in Baltimore. Voorzitter van de selectiecommissies voor waarnemingsprogramma’s voor van de European Southern Observatory (ESO), de International Ultraviolet Explorer (IUE) en de Hubble Space Telescope. Lid van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen en in 2014 benoemd tot erelid van de American Astronomical Society. De Internationale Astronomische Unie heeft aan planetoïde naar hem genoemd, nr 12635 heet voortaan HennyLamers.

Onderwerp: Sterhopen: Raadsels rond hun ontstaan en uiteenvallen

Samenvatting van de lezing volgt.

Dinsdag 18 mei 2021

Spreker: Prof. Dr Ed P.J. van den Heuvel

Prof. Ed van den Heuvel (Soest, 2 november 1940) is emeritus hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam. Van den Heuvel werd vooral bekend door zijn werk op het gebied van vorming en evolutie van compacte objecten (neutronensterren, zwarte gaten en witte dwergen) in dubbelsterren en op het gebied van de studie van gammaflitsen.
Van den Heuvel studeerde wiskunde, natuurkunde en sterrenkunde aan de Universiteit van Utrecht. In maart 1968 promoveerde hij daar op een onderzoek over de rotatie van sterren. Na zijn promotie was hij onder andere postdoctoral fellow aan de Universiteit van Californië – Santa Cruz, wetenschappelijk medewerker en lector aan de Universiteit Utrecht en hoogleraar astrofysica aan de Vrije Universiteit Brussel.
Hij vervulde onder meer bestuursfuncties bij de KNAW, de Stichting Ruimte Onderzoek Nederland, de Stichting ASTRON te Dwingeloo en bij Diergaarde Artis, waar hij een van de oprichters was van het planetarium.
Van den Heuvel werd voor zijn werk onderscheiden met het eredoctoraat van de Katholieke Universiteit Leuven, de Spinozaprijs (1995), de Descartesprijs van de Europese Unie (2002) en de Viktor Ambartsumian International Science Prize (2018).

Prof. Van den Heuvel is Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw en lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (sinds 1982), honorary member van de Indian Academy of Sciences, Associate Fellow van de Royal Astronomical Society (Londen), en honorary Fellow van het Inter University Center for Astronomy and Astrophysics te Pune, India. Hij werkte verder in 1974 als gastonderzoeker aan het Institute for Advanced Study te Princeton en in 1991 als programmaleider aan het Institute for Theoretical Physics van de Universiteit van Californië – Santa Barbara.

Onderwerp: De evolutie van dubbelsterren en de versmelting tot dubbele zwarte gaten.

Samenvatting van de lezing volgt.

Recente eerdere lezingen

Dinsdag 21 januari 2020
Spreker: Prof. Dr. I.A.G. Snellen

Professor Ignas Snellen is hoogleraar Observationele astrofysica aan de Universiteit Leiden. Na het afsluiten van zijn promotieonderzoek in Leiden in 1997, werkte hij drie jaar als postdoctoraal onderzoeker aan het Instituut voor Astronomie in Cambridge, waarna hij een astronomie docent werd aan de Universiteit van Edinburgh. Hij keerde terug naar de Universiteit Leiden in 2004. Zijn voornaamste onderzoeksgebied is exoplaneten. De groep van Snellen ontwikkelt observatie en data-reductie technieken voor de telescopen op de grond, en in het bijzonder voor de toekomstige Extremely Large Telescopes (ELT).

Onderwerp: Exoplaneten en de zoektocht naar buitenaards leven.

Er is een ware revolutie gaande in het onderzoek aan planeten rond andere sterren dan onze zon. Pas twintig jaar geleden zijn de eerste exoplaneten ontdekt, en sinds kort weten we al van het bestaan van de eerste op de aarde lijkende planeten rond enkele van onze naburige sterren. Ook wordt er een enorme vooruitgang geboekt in de karakterisering van de atmosferen van exoplaneten. Snellen legt uit hoe deze prachtige ontdekkingen worden gedaan, en wat sterrenkundigen de komende jaren hopen te gaan onderzoeken. Antwoorden op existentiële vragen lijken binnen handbereik te liggen: bestaat er buitenaards leven, of zijn wij alleen in dit enorme universum?

Dinsdag 19 november 2019
Spreker: Prof. Dr. Roderik van de Wal

Roderik van de Wal promoveerde in 1992 in Utrecht. Hij is sinds 2019 hoogleraar geologie, in het bijzonder in zeespiegelverandering en kusteffecten. Werkzaam (0.6) bij het Instituut voor Marien en Atmosferisch Onderzoek (IMAU) en (0.4) bij het Department of Physical Geography, beide Universiteit Utrecht. Zijn onderzoek richt zich op twee hoofdonderwerpen: klimaatdynamica (paleoklimaatmodellering, klimaatgevoeligheid, interpretatie van ijskernen en zeespiegelvariaties en -patronen) en veranderingen in de cryosfeer (ijsdynamica van Groenland en Antarctica en gletsjermodellering), en de impact van deze veranderingen op kustsystemen. Hij heeft deelgenomen aan glacio-meteorologisch veldwerk georganiseerd in de Alpen, Scandinavië, Svalbard en Groenland.

Leider van (inter-)nationale projecten, lid van het stuurcomité bij de EU-projecten NEEM (Noord-Groenland ijskernproject), leider van het Netherlands Earth System Science Center (2014-2023) en IPICS (International Partnerships in Ice Core Sciences), lid van de Nederlandse Deltacommissie, auteur van internationale rapporten (IPCC) en publicaties (200) over de verandering van het zeeniveau.

Webpagina: www.staff.science.uu.nl/~wal00105/.

Onderwerp: De rol van ijskappen in klimaatverandering en zeespiegelfluctuaties van Milankovitch tijdschalen tot IPCC projecties voor de nabije toekomst

In deze lezing zal ik starten met in te gaan op klimaatverandering op geologische tijdschalen gedreven door variaties in straling en CO2 en vervolgens uitkomen bij de zeespiegelveranderingen die toekomstige generaties te wachten staat als gevolg van antropogene klimaatverandering. In september 2019 komt er een nieuw IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change) rapport uit over de stand van zaken met betrekking tot ijskappen, oceaan en zeespiegelverandering. Deze resultaten zal ik bespreken en beschouwen in de context van de natuurlijke variaties in ijskappen.

Dinsdag 17 september 2019
Spreker: Steven Bos MSc

Steven Bos is promovendus aan de Universiteit Leiden in de instrumentatiegroep. Onder begeleiding van Frans Snik en Christoph Keller werkt hij aan de ontwikkeling van instrumenten voor zowel huidige telescopen als de nieuwe generatie. Hierbij ligt de focus vooral op het ontdekken en karakteriseren van aardachtige exoplaneten door middel van “direct imaging”, d.w.z. het direct waarnemen van de planeet. Hij heeft sterrenkunde gestudeerd aan de Universiteit Leiden in is daar sinds 2017 bezig met zijn promotieonderzoek.

Onderwerp: Op jacht naar een tweede Aarde.

Zijn wij alleen in het heelal? Eén van de manieren waarop de moderne astronomie deze vraag hoopt te beantwoorden is door middel van het ontdekken en karakteriseren van zo veel mogelijk exoplaneten. Hierbij wordt voornamelijk gefocust op aardachtige planeten, aangezien de Aarde tot nu toe de enige planeet is waarvan we weten dat er leven op mogelijk is. Deze lezing zal daarom gaan over hoe we zulke exoplaneten hopen te detecteren en karakteriseren. Ik zal starten met een algemene inleiding over exoplaneten en de verschillende methodes die we gebruiken om ze te vinden en karakteriseren. Vervolgens zal ik dieper ingaan op de meest veelbelovende methode: directe waarnemingen van exoplaneten. Hierbij wordt sterlicht ruimtelijk gescheiden van planeetlicht d.m.v. geavanceerde optica en datareductie technieken. De lezing eindigt met een korte beschouwing over de volgende generatie van telescopen en wat ze zullen betekenen voor onze jacht naar de tweede Aarde.

Dinsdag 15 oktober 2019
Spreker: Prof. Dr. Jan Zaanen

Jan Zaanen (*1957, Leiden; 1982 doctoraal scheikunde cum laude Groningen; 1986 doctoraat cum laude Groningen) is hoogleraar theoretische natuurkunde aan de Universiteit Leiden. Zaanen is internationaal een van de meest prominente onderzoekers  op de relatie tussen snaartheorie en supergeleiding bij hoge temperaturen. Hij werkte na zijn promotie aan het Max Planck Institut für Festkörperphysik in Stuttgart, en aan de AT&T Bell Laboratories, Murray Hill NJ, VS. In 1993 benoemd tot KNAW-onderzoeker in Leiden en sinds 2000 hoogleraar. In 2004-2005 Fulbright hoogleraar Stanford University. In 2006 ontvangt Jan Zaanen de Spinozapremie. Gasthoogleraar in 2013 aan de Universiteit van Cambridge. Sinds 2012 is Zaanen lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. In 2018-2019 wederom gasthoogleraar Stanford University.

Onderwerp: Zwarte gaten als kwantumcomputers en de vreemde materie van hoge-temperatuur supergeleiding

Het is een algemene wijsheid dat zwaartekrachtfysica en kwantum-fenomenen die bijvoorbeeld optreden in vaste stoffen niets met elkaar te maken hebben. Na decennia lange fantasievolle wiskundige vooruitgang op het gebied van de snaartheorie begint het er nu naar uit te zien dat toch alles bij elkaar hoort. Opmerkelijk is dat de komst van de kwantumcomputer een cruciale rol speelt. We hebben geleerd om na te denken over kwantumfysica in termen van informatie. Het merkwaardige kwantummechanische concept van verstrengeling is cruciaal als rekenbron: een 55 qubit kleine kwantumcomputer kan beter presteren dan elke nog te bouwen klassieke computer, de “quantum supremacy”. De natuur zelf is ook een kwantumcomputer. De wiskundige krachtpatser is de AdS-CFT-correspondentie (Anti-de Sitter – Conformal Field Theory) of “holografische dualiteit” van de snaartheoretici. Deze verbindt kwantumfysica in D-ruimtetijddimensies naadloos met de klassieke algemene relativiteitstheorie rond zwarte gaten in een universum met 1 hogere dimensie. En nu de werkelijkheid; na een lange ontwikkeling is het duidelijk dat de waarnemingen in hoge-temperatuur supergeleiders volstrekt niet te begrijpen zijn op basis van de bestaande theorie. Deze lijken nu ontcijfert te worden in termen van AdS/CFT, in de wiskundige taal van zwarte gaten. Deze laten op hun beurt zien dat het geheim van hoge-temperatuur supergeleiders er uit bestaat dat deze electronen materie “quantum supreme” is, zo kwantum-verstrengeld als mogelijk. Het geheim van AdS/CFT is dat het het werk doet van een reusachtige kwantumcomputer! Het lijkt erop dat we  een radicaal nieuwe vorm van fysische werkelijkheid op het spoor zijn.

Dinsdag 20 oktober 2020

Spreker: Drs R.M. Groenland

Gastspreker Rob Groenland studeerde Meteorologie en fysische Oceanografie aan de Rijksuniversiteit Utrecht en was vervolgens werkzaam als o.a. maritiem meteoroloog bij het particulier weerbureau Meteo Consult in Wageningen. Sinds 2005 is hij luchtvaartmeteoroloog en vakdocent meteorologie bij het KNMI in de Bilt. Tevens is hij nauw betrokken bij het onderzoek van mesoschaal-modellen in het veld van zware onweersbuien. Sinds 2015 is hij voor 2 dagen per week werkzaam in de klimaatdienstdienstverlening en o.a. betrokken bij de IPCC-activiteiten (klimaatpanel van de VN) vanuit het KNMI.

Onderwerp: Hozen en Tornado’s in Nederland

In deze lezing kijken we naar het spectrum van vortices in de atmosfeer. Met name de hozen en de tornado’s vormen een belangrijk aandachtspunt.  Het ontstaansmechanisme van beiden typen en een overzicht van tornado’s uit de (recente) geschiedenis komen aan bod. Ook kijken we aan de hand van dopplerradarbeelden naar een aantal krachtige hozen uit 2013 en 2019.

Dinsdag 17 november 2020
Spreker: Dr. Daphne M. Stam

Dr. Daphne Stam studeerde natuur- en sterrenkunde op de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam, en promoveerde vervolgens in het gebied van de aardobservatie bij het KNMI en de VU. Vervolgens was zij postdoc bij het Nederlands Ruimteonderzoeksinstituut SRON in Utrecht, en bij Cornell University in Ithaca, in de VS. Daar werkte zij aan de analyse van metingen van Saturnus en Uranus. Terug in Nederland, werkte ze vervolgens met een Veni en een Vidi beurs op het gebied van exoplaneten bij het astronomisch instituut van de UvA, en als leidster van het (exo)planetair onderzoek bij SRON. Sinds begin 2013 werkt ze bij de faculteit Luchtvaart -en Ruimtevaarttechnieken van de Technische Universiteit in Delft, in de onderzoeksgroep Planetaire Exploratie. Daphne is expert op het gebied van spectropolarimetrie: het meten en berekenen van de trillingsrichting van licht. Spectropolarimetrie geeft vooral inzicht in de samenstelling, grootte en vorm van atmosferische deeltjes zoals aerosol en wolkdeeltjes.
Die techniek gebruikt ze om de atmosferen van planeten in het zonnestelsel (inclusief de aarde) en daarbuiten te bestuderen.

Onderwerp: De Aarde, Venus en aardachtige exoplaneten.

De Aarde en Venus zijn ongeveer even groot, hebben dezelfde samenstelling, en draaien op een vergelijkbare afstand om de zon. Een buitenaardse planeetkundige die deze twee aardachtige planeten vanaf een grote afstand zou bestuderen, zou wellicht tot de conclusie komen dat beide planeten bewoonbaar zouden kunnen zijn. Tot in de jaren 60 van de vorige eeuw zelfs dachten onderzoekers op aarde dat onder het dichte wolkendek het Venusoppervlak bedekt zou kunnen zijn met tropische begroeiing en moerassen. Na metingen van dichtbij door de Mariner 2 ruimtesonde, werd echter duidelijk dat de gronddruk op het Venusoppervlak honderdmaal die op aarde is, en dat het daar zo’n 500 graden Celsius is. Uit metingen van de polarisatietoestand van zonlicht dat door Venus wordt gereflecteerd, werd bovendien afgeleid dat de Venuswolken niet uit water maar uit zwavelzuur bestaan.

In deze lezing wordt ingegaan op de huidige kennis en openstaande vragen over Venus, haar atmosfeer, en haar extreme klimaat. Ook zal er worden uitgelegd hoe planeetonderzoekers denken dat Venus en de aarde zich sinds hun ontstaan hebben ontwikkeld tot, respectievelijk, een gloeiendhete, dode wereld, en een waterrijke, gematigde wereld die bruist van het leven. Tenslotte zal verteld worden over mogelijke technieken om exo-Venussen van exo-aardes te onderscheiden en wat we van het onderzoek aan dergelijke exoplaneten zullen kunnen leren.