Lezingen

Voor locatie en aanvangstijd zie Agenda.

De komende lezingen van dit seizoen staan bovenaan. Eerdere lezingen staan eronder. Een lijst met eerdere lezingen met samenvatting en bijbehorende documenten staan in het Archief.

Dinsdag 20 juni 2023

Spreker: Christiaan van Buchem

Onderwerp: Lava oceanen op planeten buiten ons zonnestelsel

Dinsdag 16 mei 2023

Spreker: Dr. Manus Visser

Onderwerp: Emergente zwaartekracht 

Dinsdag 18 april 2023

Spreker: Prof. Dr Koen Kuijken

Onderwerp: De laatste ontwikkelingen in gravitatielenzen en kosmologie

Dinsdag 21 februari 2023

Spreker: Ir Alex Haasnoot

Onderwerp: Navigeren met de sterrenhemel

Dinsdag 17 januari 2023

Spreker: Dr Nienke van der Marel (Universiteit Leiden)

Nienke van der Marel is assistent professor aan de Leidse Sterrewacht sinds september 2021. Nienke studeerde en promoveerde in Leiden cum laude in 2015, en werkte daarna een aantal jaren als postdoc aan onder meer de Universiteit van Hawaii en het Herzberg Instituut voor Astronomie in Victoria BC in Canada. https://www.universiteitleiden.nl/en/staffmembers/nienke-van-der-marel#tab-1

Titel: “Planeten bouwen in het heelal”

De oorsprong van de aarde en het Zonnestelsel is een van de grootste mysteries in de sterrenkunde. Dit raadsel is alleen maar groter geworden met de ontdekking van exoplaneten, planeten rond andere sterren dan de zon. Veel exoplaneten blijken er totaal anders uit te zien dan de planeten in ons zonnestelsel. Zijn wij uniek? Of op z’n minst zeldzaam? Om deze vragen te beantwoorden moeten we een kijkje nemen in de geboortewieg van de planeten: de schijven van gas and stof die rond jonge sterren draaien. De ALMA telescoop heeft het mogelijk gemaakt om heel scherpe afbeeldingen te maken van deze schijven, en de eerste tekenen van jonge planeten te laten zien. In deze presentatie vertel ik meer over ons huidige begrip en onbegrip van planeetvorming, op basis van de eerste 10 jaar van ALMA data.

Dinsdag 20 december 2022
Spreker: Prof. Dr John Heise (SRON, Universiteit Utrecht)

Prof. John Heise is sinds de jaren 70 werkzaam bij SRON, in het bijzonder de hoge-energie-astrofysica. Hij is de bedenker van de röntgen-groothoekcamera’s op de satelliet BeppoSAX, een doorbraak in het onderzoek naar gammaflitsen. Hij ontdekte meerdere röntgenbronnen in het heelal en lokaliseerde in 1997 voor het eerst de al 25 jaar ongrijpbare gammaflitsen. Daarvoor ontving hij in 1998 de gedeelde Bruno Rossi prijs van de American Astronomical Society. Sinds 1999 bijzonder hoogleraar astrofysica (nu emeritus) aan de Universiteit Utrecht. In 2002 was hij een van de winnaars van de Descartes Prijs voor Europese samenwerking; in 2007 won hij de Willem de Graaffprijs (Stichting De Koepel) voor zijn inzet voor popularisatie van ruimtevaart en sterrenkunde. Zo gaf hij samen met enkele collega’s een cursus ‘het fascinerend heelal’ voor studenten van alle faculteiten. Aan de Universiteit Wageningen was Heise actief in het Studium Generale over de oorsprong van het leven en hij gaf voordrachten over zwarte gaten voor middelbare scholieren. Hij geeft tevens les in het kader van Hoger Onderwijs Voor Ouderen, voor geïnteresseerde, ontwikkelde leken zonder specifiek sterrenkundige achtergrond. Voor Stichting De Koepel heeft prof. Heise lezingen gegeven op Sterrenwacht Sonnenborgh (Utrecht) over donkere materie, tien dimensies in het heelal, gravitatielenzen, het heelal bij de hoogste energieën en gravitatiestraling.

Onderwerp: Zwarte gaten en de verdwenen ruimte en tijd. Gaten in de ruimte? Nieuwe ontwikkelingen over Zwarte Gaten.

Het binnenste van Zwarte Gaten is onbekend terrein, maar het is wel van fundamenteel belang in de natuurkunde. Informatie van alles wat op een Zwart Gat valt, lijkt verloren te gaan. Dat in strijd is met basisprincipes in de kwantum-natuurkunde. Men zoekt al lang naar een kwantummechanische beschrijving van een Zwart Gat. Onze Nederlandse Nobelprijswinnaar Gerard ’t Hooft heeft een verrassende oplossing gevonden: Zwarte Gaten hebben helemaal geen binnenste. Het is letterlijk een gat in de ruimte, geen lege ruimte maar afwezigheid van ruimte. De instorting tot een Zwart Gat verandert niet alleen de geometrie van de ruimte, maar het verscheurt ook de structuur van de ruimte (samenhang, topologie). Zonder binnenste kan er ook niets in verdwijnen. Het informatieprobleem wordt expliciet opgelost via gravitatie-interactie tussen invallende en uittredende fotonen. Op die manier kun je de kwantumstructuur van een Zwart Gat bepalen analoog aan een waterstofatoom, maar dan met de zwaartekracht. Ik leg uit wat we ons daarbij moeten voorstellen.

Eerdere recente lezingen:

Dinsdag 15 november 2022
Spreker: Prof. Dr Ivo van Vulpen

Dr. Ivo van Vulpen (1973) is universitair hoofddocent bij de UvA en onderzoeker bij het Nikhef (nationaal instituut voor subatomaire fysica). Ivo doet onderzoek naar elementaire deeltjes en was betrokken bij de zoektocht en de ontdekking van het Higgs boson dat werd ontdekt in 2012.
Per januari 2022 is hij benoemd tot bijzonder hoogleraar wetenschapscommunicatie aan het Leids Instituut voor Natuurkunde (LION). Van Vulpen zal onderzoek doen naar wetenschapscommunicatie in het algemeen en zich richten op het onderstrepen van de waarde en het belang van wetenschapscommunicatie.

Onderwerp: De melodie van de natuur – Zoektocht naar de bouwstenen van het heelal.

De zoektocht naar de fundamentele bouwstenen van het heelal is een ongekend spannend avontuur. Met behulp van deeltjesversnellers is het gelukt om steeds dieper door te dringen in een wereld die we met het blote oog al lang niet meer kunnen zien. In elke nieuwe laag hebben we geheimen aan de natuur weten te ontfutselen en de vreemde inzichten als quantummechanica en relativiteitstheorie hebben hun weg gevonden naar toepassingen in onze maatschappij. Met de ontdekking van het Higgs boson op CERN, het Europees centrum voor deeltjesfysica was het avontuur nog niet voorbij.
Er zijn grote vragen waar we nog geen antwoord op hebben: wat is de donkere materie die rondzweeft in het heelal, waar is alle anti-materie toch gebleven en waar komt alles vandaan? Deze raadsels en onze dromen naar de antwoorden maken dat we nog steeds op zoek zijn naar nieuwe werelden. Diep onder de grond in Zwitserland. De versneller is na een lange pauze recent weer opgestart en ook de detectoren zijn verbeterd. Avontuur!

Dinsdag 18 oktober 2022:

Prof. Dr Dirk van Delft (Universiteit Leiden)

Dirk van Delft studeerde natuurkunde te Leiden. Na zijn studie was hij docent natuurkunde aan College Leeuwenhorst in Noordwijkerhout. Van 1993 tot 2006 chef wetenschapsredactie bij de NRC. In 2006 tot 2018 directeur van Rijksmuseum Boerhaave en tevens hoogleraar Materieel Erfgoed aan de Universiteit Leiden. Met zijn biografie/proefschrift (promotie 2005, Leiden) over Heike Kamerlingh Onnes won hij in 2005 de NWO Eurekaprijs voor wetenschapscommunicatie. In 2019 verscheen zijn, samen met Frits Berends geschreven, monumentale biografie van Lorentz. Van Delft is een onvermoeibaar biograaf: vorig jaar verscheen de biografie van Henk van de Hulst ‘Reiziger in het wereldruim’ en dit jaar ‘Onzichtbaar leven. Antoni van Leeuwenhoek en de wondere wereld van de microbiologie’.

Onderwerp: Het Einstein-De Sitter Heelal: leven en werk van Willem de Sitter

Een beroemd debat uit de geschiedenis van de kosmologie is dat tussen Willem de Sitter, hoogleraar-directeur van de Leidse Sterrewacht, en Albert Einstein. Onderwerp: de toekomst van het heelal. Nadat Einstein in november 1915 zijn Algemene Relativiteitstheorie had gepubliceerd, een nieuwe theorie van de zwaartekracht waarin massa de ruimtetijd ‘kromt’, kwam De Sitter met een oplossing van de bijbehorende vergelijkingen die uitdijing van een leeg heelal inhield. Einstein wilde er niet aan en tijdens de Eerste Wereldoorlog voerden de twee een scherp debat. Uiteindelijk kwam het begin jaren dertig tot een verzoening: een uitdijend heelal met als grote vraag of die uitdijing doorzet of stopt gevolgd door inkrimping, eindigend in een ‘big crunch’. Inmiddels weten we dat het heelal versneld uitdijt door toedoen van ‘donkere energie’.

Dinsdag 20 september 2022:

Spreker: Prof. Dr Frank Israel

Prof. Frank Israel is emeritus hoogleraar Sterrenkunde in het bijzonder Nabije Sterrenstelsels aan de Universiteit Leiden. Hij behaalde zijn doctorsgraad (1976) te Leiden met het proefschrift “Radio investigations of galactic and extragalacic HII regions”. Zijn interesses liggen bij het interstellaire medium, centra van sterrenstelsels, stervorming, de Locale Groep en dwerg sterrenstelsels & Magelhaense Wolken. De asteroïde 7507 Israel is naar hem genoemd. Naast zijn onderzoek is Prof. Israel voorzitter van Stichting Skepsis, een Nederlandse organisatie die zich ten doel stelt buitengewone beweringen aan een kritisch, wetenschappelijk verantwoord onderzoek te onderwerpen en voor te lichten over pseudowetenschappen en het paranormale.

Onderwerp: Het Blister-model ter verklaring van de dynamiek van waterstofwolken.

Hoe ontstaan sterren? Vijftig jaar geleden was dat letterlijk in het duister tasten. De steeds scherpere radiobeelden van wolken geïoniseerd waterstofgas zoals de Orionnevel brachten enig licht, de studie van duistere moleculen verhelderde nog meer, en het definitieve antwoord is nabij maar nog niet zonneklaar. Bij dit moeizaam ontdekkingsproces speelt een beperkte verbeeldingskracht onderzoekers maar al te vaak parten; en maakt hen te lang blind voor oplossingen die hen aanstaren.

Dinsdag 21 juni 2022

Spreker: Prof.dr. H.J.A. Röttgering

Huub Rottgering is de Wetenschappelijk directeur en hoogleraar Observationele kosmologie aan de Afdeling Sterrenkunde van de Leidse universiteit.
Als PI van het project Development and Commissioning van LOFAR voor de astronomie (DCLA) en als de eerste voorzitter van de Sterrenkunde Research Committee LOFAR’s (ARC), speelt Röttgering een leidende rol in de ontwikkeling van LOFAR. Hij observeert actieve sterrenstelsels , clusters en grootschalige structuren in het verre heelal om inzicht te krijgen in hun oorsprong en evolutie.

Onderwerp: Laatste ontdekkingen LOFAR radiotelescoop

De unieke radio telescoop LOFAR heeft niet alleen 38 waarneem stations in Nederland, maar nu ook 14 stations in 8 landen in Europa. Met de combinatie van al deze stations kunnen voor het eerst scherpe beelden van het heelal gemaakt worden op zeer lange radio golf lengte. In deze lezing zullen prachtige LOFAR beelden getoond worden en dieper ingegaan worden over hoe deze beelden helpen bij het begrijpen van het ontstaan van sterrenstelsels en quasars in het vroege heelal.

Dinsdag 17 mei 2022

Spreker: Dr. Jeannette Heiligers, TU Delft

Onderwerp: Zeilen door de ruimte

In deze lezing zal Dr. Heiligers in gaan op het concept van zonnezeilen: een nieuwe en duurzame vorm van voorstuwing voor satellieten. Een zonnezeil is een heel grote, maar tegelijkertijd flinterdunne spiegel waarmee zonnefotonen gereflecteerd kunnen worden. Dit zorgt voor een kracht op de satelliet waarmee de satelliet zich kan voortbewegen in de ruimte. Hoewel de kracht klein is, zal de satelliet nooit zonder brandstof komen te zitten waardoor nieuwe missies in ons zonnestelsel mogelijk worden. Dr. Heiligers zal antwoorden geven op vragen zoals: hoe werken zonnezeilen? Hoe kunnen ze de beweging van satellieten veranderen? Wat zijn de voor- en nadelen? En welke missies hebben al gevlogen? Maar vooral zal ze laten zien hoe zonnezeilen bij kunnen dragen aan grote vraagstukken zoals het waarschuwen voor op hande zijnde zonnestormen, het detecteren van asteroiden die een gevaar vormen voor de Aarde en het observeren van de polen van de Aarde om klimaatstudies te ondersteunen… en zelfs hoe we met zonnezeilen sneller dan ooit naar andere sterrestelsels kunnen reizen.

Donderdag 28 april 2022

Spreker: Prof. Dr. Ton van Raan

Onderwerp: Jan Oort en de ontdekking van de structuur en de rotatie van ons Melkwegstelsel.

Ton van Raan (lid van de lezingencommissie van de LWSK en verbonden aan de universiteit van Leiden) houdt deze lezing in het kader van Leiden European City of Science 2022.

Aan het eind van de 19e eeuw maken de sterrenkundigen een enorme sprong in het heelal: het zwaartepunt van onderzoek verschuift van ons zonnestelsel naar de verre wereld van de sterren. Hoever staan de sterren van ons vandaan? Bewegen ze in een bepaalde richting? Zijn alle sterren een onderdeel van een groter geheel in een verder lege ruimte? En staat onze zon centraal in dit groter geheel? De grote Leidse sterrenkundige Jan Oort toonde aan dat alle sterren samen een gigantisch eiland in het heelal vormen, een ronddraaiende spiraalvormige structuur, ons Melkwegstelsel. En hij bepaalde ook de locatie van onze zon, in het Melkwegstelsel. In de lezing wordt ingegaan op het leven en het pionierswerk van Oort, zijn waarnemingen en de conclusies die daar uit getrokken werden. Jan Oort heeft het beeld dat de mens van de wereld had grondig veranderd. In de jaren vijftig plaatste het Amerikaanse weekblad Life hem op de lijst van de 100 meest beroemde mensen ter wereld, samen met bijvoorbeeld Eisenhower, Strawinsky en Picasso. Oort, een groot geleerde die aan Leiden verknocht was en graag op een mooie winterdag even de sterren vergat om een flink stuk te gaan schaatsen.

 

Dinsdag 19 april 2022

Spreker: Drs. R.M. (Rob) Groenland

Rob Groenland is meteoroloog, vakdocent en klimaatadviseur op het KNMI en tevens lid van de Nederlandse coördinatiegroep van het IPCC .
Na het behalen van zijn master degree in meteorologie en oceanografie op de Universiteit Utrecht werkt hij sinds 28 jaar in de meteorologie, eerst als operationeel (luchtvaart)meteoroloog in de weerkamer bij Meteo Consult in Wageningen en vanaf 2005 op het KNMI. Vanaf 2008 is hij werkzaam als vakdocent meteorologie en klimaatadviseur in het cluster klimaatadvies op het KNMI.
Sinds 2016 is Rob actief als (panel)lid van de Nederlandse coördinatiegroep van het IPCC. De Nederlandse IPCC coördinatiegroep coördineert de Nederlandse IPCC-activiteiten. Dat houdt onder andere in het nomineren van mogelijke Nederlandse auteurs voor geplande IPCC rapporten, het uitvoeren van zg ‘Government’ en ‘Expert’ Reviews van concept rapporten en het samenstellen en instrueren van Nederlandse IPCC Delegaties. Samen met EZ, PBL, IenW vormen zij de afvaardiging van de Nederlandse regering op de plenaire meetings van IPCC.

Rob heeft al eerder lezingen gegeven aan de LWSK: in 2018 over El Niño en in 2020 over hozen en tornado’s in Nederland.

Onderwerp: Kantelpunten in het klimaat

In zijn lezing vanavond licht Rob Groenland eerst kort de uitkomsten van het IPCC-rapport toe. In alle gebieden in de wereld hebben zich snelle klimaatveranderingen voltrokken, die zich manifesteren in een toename van weersextremen. De mondiaal gemiddelde temperatuur is in het laatste decennium tot 1,1°C (0,8°C tot 1,3°C) gestegen ten opzichte van de pre-industriële periode 1850-1900. Het tempo van mondiale opwarming is ongeëvenaard in tenminste de laatste tweeduizend jaar. Sommige veranderingen zijn in de komende eeuwen tot millennia onomkeerbaar, zoals de opwarming van de oceanen, het smelten van de ijskappen en de stijging van de zeespiegel. De nadruk in deze lezing komt te liggen bij de kantelpunten in het klimaat. Bij een verdere temperatuurtoename neemt de frequentie en intensiteit van hittegolven, extreme neerslag en droogte toe. Ook het risico op het overschrijden van bepaalde fysische drempelwaarden in het klimaatsysteem, met abrupte en onomkeerbare klimaatveranderingen tot gevolg, wordt dan groter. We kijken ook naar mogelijke circulatieveranderingen tgv de opwarming in het Arctisch gebied, naar persistente blokkades en het afzwakken van de golfstroom.

 

Dinsdag 15 februari 2022

Spreker: Ir. V.J.H. (Victor) Trees

Onderwerp: Luchtkwaliteitmetingen vanuit de ruimte en zonsverduisteringen.

Victor studeerde Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek op de TU Delft. Tijdens zijn master Ruimtevaart (2018) ontdekte hij, door verschillende kleuren van gepolariseerd licht te combineren, een manier om oceanen te detecteren op exoplaneten. In 2019 publiceerde hij daar een artikel over in het tijdschrift Astronomy & Astrophysics. Daarna ging Victor een jaar naar de Universiteit van Oxford om verder onderzoek te doen naar (hete Jupiter-achtige) exoplaneten.
In 2020 begon Victor met zijn PhD-onderzoek in aardobservatie bij het KNMI en de TU Delft. In zijn PhD-onderzoek kijkt Victor naar het effect van schaduwen van wolken op luchtkwaliteitmetingen vanuit de ruimte met het in Nederland ontwikkelde satellietinstrument TROPOMI.
De wolkenschaduwen zorgen voor een verstoring van de luchtkwaliteitmetingen, omdat schaduwen nog niet worden meegenomen in de huidige atmosfeermodellen. Het doel van het onderzoek is om de luchtkwaliteitmetingen te verbeteren en om meer te leren over het effect van schaduwen op de atmosfeer in het algemeen.
Behalve wolkenschaduwen, kijkt Victor ook naar het effect van de schaduw van de Maan. Hij heeft een methode ontwikkeld om luchtkwaliteitmetingen te herstellen tijdens zonsverduisteringen, waarover hij zal vertellen tijdens de lezing.
Er komen veel onderwerpen aan bod: theorie over de atmosfeer en luchtkwaliteit, theorie over hoe satellieten de aarde observeren, maar ook theorie over zonsverduisteringen (positie van de Maan en de Aarde) en de zon (het zonnespectrum).

 

Dinsdag 25 januari 2022

Spreker: Dr. D.F.E. (Dorothea) Samtleben

Onderwerp: Neutrino’s in de Middellandse Zee

Neutrino’s zijn extreem lichte elementaire deeltjes die in grote hoeveelheden door het heelal schieten, en zich weinig aantrekken van de andere materie: zo schieten ze dwars door de aarde heen, en bijvoorbeeld ook door uw lichaam. Slechts zelden laat een neutrino zich detecteren.
Er valt nog veel te begrijpen over hun exacte eigenschappen (bijvoorbeeld massa) en gedrag. Het zijn heel aantrekkelijke kosmische boodschappers, omdat ze zelfs informatie uit het binnenste van verre kosmische bronnen kunnen leveren.
Het neutrino telescoop KM3NeT word nu gebouwd op de grond van de Middellandse Zee en zal nieuwe inzichten geven zowel bij onbeantwoorde vragen over het neutrino zelf als over de oorsprong van de kosmische straling.
In de lezing leg ik uit wat wij tot nu toe weten over het neutrino en kosmische neutrino bronnen en presenteer ik het neutrino telescoop KM3NeT met oog op toekomstige metingen.

Dinsdag 20 april 2021

Spreker: Prof. Dr. Henny Lamers

Prof. Henny Lamers studeerde natuurkunde en sterrenkunde in Nijmegen, Utrecht en Princeton (USA). Hij is emeritus hoogleraar Astrofysica en Ruimte-Onderzoek aan de Universiteit Utrecht en de Universiteit van Amsterdam. Zijn onderzoeksterrein bestrijkt vele facetten van de evolutie van sterren, de laatste jaren doet hij onderzoek met de Hubble Space Telescope naar sterhopen en botsende melkwegstelsels. Hij publiceerde rond 450 wetenschappelijke artikelen in internationale vaktijdschriften, zeven vakboeken, en 25 artikelen en vier populaire boekjes voor algemeen publiek. Hij gaf meer dan 500 populaire lezingen over sterrenkunde voor leken in binnen- en buitenland, inclusief een serie van acht lezingen tijdens een ‘rafting trip’ in de Grand Canyon in 2011.

Vanaf 1974 tot zijn emeritaat in 2006 gaf hij colleges aan de Universiteit Utrecht. In 2003 door studenten gekozen als de beste docent. Van 1978 tot 1990 gasthoogleraar aan de Universiteiten van Colorado en Wisconsin en sinds 2004 aan de Universiteit van Washington in Seattle. Van 1992 tot 2000 visiting scientist aan het NASA Goddard Space Flight Center in Washington en het Hubble Space Telescope Institute in Baltimore. Voorzitter van de selectiecommissies voor waarnemingsprogramma’s voor van de European Southern Observatory (ESO), de International Ultraviolet Explorer (IUE) en de Hubble Space Telescope. Lid van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen en in 2014 benoemd tot erelid van de American Astronomical Society. De Internationale Astronomische Unie heeft aan planetoïde naar hem genoemd, nr 12635 heet voortaan HennyLamers.

Onderwerp: Sterhopen: Raadsels rond hun ontstaan en uiteenvallen

Samenvatting:

Aan de hemel kunnen we prachtige sterrenhopen zien. Er zijn twee soorten sterrenhopen.

Open sterhopen bevatten duizenden tot tienduizenden sterren en zijn relatief jong; de meeste zijn jonger dan een paar honderd miljoen jaar. Open sterhopen draaien in het vlak van de melkweg om het centrum. Bolhopen daarentegen zijn heel oud, tot 12 miljard jaar toe, en bevatten honderdduizenden tot miljoenen sterren. Bolhopen bewegen in een grote bol, die we de halo noemen, om het centrum van de melkweg. Hoe komt het dat er twee soorten sterrenhopen zijn? Hoe zijn ze ontstaan? Waarom bewegen ze in verschillende soorten banen? Waarom hebben de bolhopen veel minder zuurstof, koolstof enz. dan open sterhopen? Alle sterren worden geboren in sterrenhopen. Toch zijn er in onze melkweg veel meer losse sterren dan sterren in sterrenhopen. Hoe komt dat? De sterren van een sterhoop zijn allemaal bijna tegelijk geboren uit een reusachtige gaswolk en moeten dus aanvankelijk allemaal dezelfde chemische samenstelling hebben gehad. Maar met de Hubble Ruimte Telescoop is ontdekt dat de sterren in bolhopen zeer merkwaardige verschillen in samenstelling vertonen die niet verklaard kunnen worden door hun evolutie. Hier is dus iets vreemds aan de hand. Aanvankelijk dacht men dat het om uitzonderingen ging, maar het is inmiddels duidelijk dat bijna alle bolhopen dit raadselachtige patroon vertonen. Hoe meer sterren een bolhoop heeft, des te vreemder zijn de verschillen in samenstelling. De spreker zal de eigenschappen van de bolhopen en open sterhopen bespreken en uitleggen waardoor ze ontstaan zijn. Hij bespreekt ook mogelijke verklaringen voor de vreemde chemische samenstellingen van sterren in bolhopen. Daarbij spelen misschien zelfs superzware sterren en zware zwarte gaten een rol. Maar er blijven genoeg raadsels over!

Dinsdag 18 mei 2021

Spreker: Prof. Dr Ed P.J. van den Heuvel

Prof. Ed van den Heuvel (Soest, 2 november 1940) is emeritus hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam. Van den Heuvel werd vooral bekend door zijn werk op het gebied van vorming en evolutie van compacte objecten (neutronensterren, zwarte gaten en witte dwergen) in dubbelsterren en op het gebied van de studie van gammaflitsen.
Van den Heuvel studeerde wiskunde, natuurkunde en sterrenkunde aan de Universiteit van Utrecht. In maart 1968 promoveerde hij daar op een onderzoek over de rotatie van sterren. Na zijn promotie was hij onder andere postdoctoral fellow aan de Universiteit van Californië – Santa Cruz, wetenschappelijk medewerker en lector aan de Universiteit Utrecht en hoogleraar astrofysica aan de Vrije Universiteit Brussel.
Hij vervulde onder meer bestuursfuncties bij de KNAW, de Stichting Ruimte Onderzoek Nederland, de Stichting ASTRON te Dwingeloo en bij Diergaarde Artis, waar hij een van de oprichters was van het planetarium.
Van den Heuvel werd voor zijn werk onderscheiden met het eredoctoraat van de Katholieke Universiteit Leuven, de Spinozaprijs (1995), de Descartesprijs van de Europese Unie (2002) en de Viktor Ambartsumian International Science Prize (2018).

Prof. Van den Heuvel is Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw en lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (sinds 1982), honorary member van de Indian Academy of Sciences, Associate Fellow van de Royal Astronomical Society (Londen), en honorary Fellow van het Inter University Center for Astronomy and Astrophysics te Pune, India. Hij werkte verder in 1974 als gastonderzoeker aan het Institute for Advanced Study te Princeton en in 1991 als programmaleider aan het Institute for Theoretical Physics van de Universiteit van Californië – Santa Barbara.

Onderwerp: De evolutie van sterren en hun eindproducten: Witte Dwergen, Neutronensterren en Zwarte Gaten; bronnen van zwaartekrachtsgolven.

Samenvatting:

Sterren met een massa kleiner dan 8 maal de massa van de Zon laten aan het einde van hun leven een Witte Dwerg achter: een ster ongeveer even groot als de Aarde, maar met een massa vergelijkbaar met die van de Zon (ca 300 000 maal de massa van de Aarde).
Sterren zwaarder dan 8 maal de Zon laten aan het einde van hun korte leven (minder dan 20 miljoen jaar) een Neutronenster of een Zwart Gat achter. Een neutronenster heeft een massa van ongeveer 400 000 maal die van de Aarde, maar een middellijn niet groter dan 20 km, dus even groot al Amsterdam. Zwarte gaten hebben massa’s groter dan ongeveer een miljoen maal die van de Aarde, maar de middellijn van hun horizon (de afstand vanaf het centrum van het Zwarte Gat van waarbinnen je nooit meer kunt ontsnappen) is slechts enkele tientallen km groot.
We kennen thans meer dan 3000 neutronensterren in de Melkweg, waarvan de meeste alleen zijn, maar ook enkele honderden in dubbelsterren. We kennen in de Melkweg ook enkele tientallen zwarte gaten, deze zijn altijd in dubbelsterren, met een gewone ster als begeleider. Onder de neutronensterren in dubbelsterren zijn er thans 20 bekend die uit twee neutronensterren bestaan, die in nauwe banen om elkaar heel bewegen. Zulke dubbelsterren, waarin twee zeer zware objecten om elkaar heen bewegen, zenden zwaartekrachtsgolven uit: rimpelingen van de ruimte, die zich met de lichtsnelheid voortbewegen. In 2015 zijn zulke golven voor het eerst gemeten. Deze bleken afkomstig van dubbele zwarte gaten – op afstanden van miljarden lichtjaren – die zeer snel in banen om elkaar heen bewogen vlak voordat deze gaten met elkaar versmolten. Ook is eenmaal de versmelting van een dubbele neutronester waargenomen, op een afstand van ongeveer 40 miljoen lichtjaren. In de lezing wordt ingegaan op deze ontdekkingen, waarvoor de ontdekkers in 2017 de Nobelprijs Natuurkunde werd toegekend.

Dinsdag 15 juni 2021

Spreker: Prof. Dr. Huib Jan van Langevelde

Huib Jan van Langevelde is werkzaam bij JIVE (Joint Institute for VLBI ERIC), een Europese organisatie voor radiosterrenkunde, gevestigd bij ASTRON in Dwingeloo. JIVE ondersteunt het Europese VLBI Netwerk, waarin radiotelescopen uit de hele wereld samenwerken om sterrenkundigen in staat te stellen om hele precieze plaatjes te maken van radiobronnen in het heelal. Hij kwam als kind al op bezoek op de Oude Sterrewacht en studeerde sterrenkunde in Leiden. Bij JIVE was hij van 2007 tot 2017 directeur. Hij is ook hoogleraar in Leiden en sinds de zomer van 2020 de directeur van het internationale  project “The Event Horizon Telescope”, waarmee het eerste plaatje van het Zwarte Gat in M87 werd gemaakt.

Onderwerp: Zwarte gaten en de Event Horizon Telescope

In zijn lezing zal hij vertellen hoe het plaatje tot stand kwam van de schaduw van het Zwarte Gat in M87, dat in het voorjaar van 2019 veel in de publiciteit kwam. Hij zal uitleggen wat de oorsprong is van de radiostraling die in kaart werd gebracht en hoe dit resultaat werd bereikt door gevoelige telescopen over de hele wereld te laten samenwerken. Speciale aandacht zal er zijn voor wat de Event Horizon Telescope kan meten aan het Zwarte Gat in Sagittarius A, de radiobron in het centrum van de Melkweg.

Dinsdag 21 september 2021

Spreker: Dr. Ir. Peter Siegmund

Onderwerp: Klimaatverandering en het nieuwe IPCC rapport

Dinsdag 19 oktober 2021

Spreker: Prof. Dr. Harold Linnartz

Onderwerp: Het geheim van de diffuse interstellaire banden

Dinsdag 16 november 2021

Spreker: Dr Ashley R. Bemis

Onderwerp: Star Formation from Molecular Clouds Across Galaxies

Dinsdag 14 december 2021

Spreker: D.M. (Dirk) van Dam MSc

Dirk van Dam is geboren in Venezuela. Op zijn 18e naar Nederland gekomen om eerst Werktuigbouwkunde (BSc) te studeren aan de Technische Universiteit Delft. Daarna nam de belangstelling voor sterrenkunde sterk toe en volgde (2018) een studie Sterrenkunde en Instrumentatie in Leiden (MSc). Promotieonderzoek “Seeing the Shadows of Giant Circumplanetary Rings: Studying Planet and Moon Formation” is gericht op exoplaneten (vorming, karakterisering van de atmosfeer, variabiliteit) en de astronomische instrumentatie, vooral beeldvormings-technieken met hoog contrast, om exoplaneten en andere objecten die verborgen zijn door de stellaire halo te ontdekken. Focus op de grote geringde planeet J1407b. Daarnaast ontwikkeling en bouw van een prototype camera die eenvoudig en accuraat NO2 kan meten in de lucht.

Onderwerp: De ringen om exoplaneten

In de lezing zal worden besproken hoe we exoplaneten met ringen kunnen vinden, en waarom ze belangrijk zijn voor ons begrip over het formatieproces van planeten en manen.