Lezingen

Voor locatie en aanvangstijd zie Agenda.

De komende lezingen van dit seizoen staan bovenaan. Eerdere lezingen staan eronder. Een lijst met eerdere lezingen met samenvatting en bijbehorende documenten staan in het Archief.

Het programma voor de periode september 2021 – juni 2022 is per mail al aan de leden toegezonden.

Dinsdag 21 juni 2022

Spreker: Prof.dr. H.J.A. Röttgering

Onderwerp: Laatste ontdekkingen LOFAR radiotelescoop

Eerdere recente lezingen:

Dinsdag 17 mei 2022

Spreker: Dr. Jeannette Heiligers, TU Delft

Onderwerp: Zeilen door de ruimte

In deze lezing zal Dr. Heiligers in gaan op het concept van zonnezeilen: een nieuwe en duurzame vorm van voorstuwing voor satellieten. Een zonnezeil is een heel grote, maar tegelijkertijd flinterdunne spiegel waarmee zonnefotonen gereflecteerd kunnen worden. Dit zorgt voor een kracht op de satelliet waarmee de satelliet zich kan voortbewegen in de ruimte. Hoewel de kracht klein is, zal de satelliet nooit zonder brandstof komen te zitten waardoor nieuwe missies in ons zonnestelsel mogelijk worden. Dr. Heiligers zal antwoorden geven op vragen zoals: hoe werken zonnezeilen? Hoe kunnen ze de beweging van satellieten veranderen? Wat zijn de voor- en nadelen? En welke missies hebben al gevlogen? Maar vooral zal ze laten zien hoe zonnezeilen bij kunnen dragen aan grote vraagstukken zoals het waarschuwen voor op hande zijnde zonnestormen, het detecteren van asteroiden die een gevaar vormen voor de Aarde en het observeren van de polen van de Aarde om klimaatstudies te ondersteunen… en zelfs hoe we met zonnezeilen sneller dan ooit naar andere sterrestelsels kunnen reizen.

Donderdag 28 april 2022

Spreker: Prof. Dr. Ton van Raan

Lezing over Jan Oort en de ontdekking van de structuur en de rotatie van ons Melkwegstelsel, Sterrewacht, aanvang 20:00

Voor deze en de vervolg lezingen ikv Leiden European City of Science 2022 vragen wij uzelf aan te melden via een contact formulier onder tab Lezingen – European City of Science 2022.

Ton van Raan (lid van de lezingencommissie van de LWSK en verbonden aan de universiteit van Leiden) houdt deze lezing in het kader van Leiden European City of Science 2022.

Aan het eind van de 19e eeuw maken de sterrenkundigen een enorme sprong in het heelal: het zwaartepunt van onderzoek verschuift van ons zonnestelsel naar de verre wereld van de sterren. Hoever staan de sterren van ons vandaan? Bewegen ze in een bepaalde richting? Zijn alle sterren een onderdeel van een groter geheel in een verder lege ruimte? En staat onze zon centraal in dit groter geheel? De grote Leidse sterrenkundige Jan Oort toonde aan dat alle sterren samen een gigantisch eiland in het heelal vormen, een ronddraaiende spiraalvormige structuur, ons Melkwegstelsel. En hij bepaalde ook de locatie van onze zon, in het Melkwegstelsel. In de lezing wordt ingegaan op het leven en het pionierswerk van Oort, zijn waarnemingen en de conclusies die daar uit getrokken werden. Jan Oort heeft het beeld dat de mens van de wereld had grondig veranderd. In de jaren vijftig plaatste het Amerikaanse weekblad Life hem op de lijst van de 100 meest beroemde mensen ter wereld, samen met bijvoorbeeld Eisenhower, Strawinsky en Picasso. Oort, een groot geleerde die aan Leiden verknocht was en graag op een mooie winterdag even de sterren vergat om een flink stuk te gaan schaatsen.

 

Dinsdag 19 april 2022

Spreker: Drs. R.M. (Rob) Groenland

Rob Groenland is meteoroloog, vakdocent en klimaatadviseur op het KNMI en tevens lid van de Nederlandse coördinatiegroep van het IPCC .
Na het behalen van zijn master degree in meteorologie en oceanografie op de Universiteit Utrecht werkt hij sinds 28 jaar in de meteorologie, eerst als operationeel (luchtvaart)meteoroloog in de weerkamer bij Meteo Consult in Wageningen en vanaf 2005 op het KNMI. Vanaf 2008 is hij werkzaam als vakdocent meteorologie en klimaatadviseur in het cluster klimaatadvies op het KNMI.
Sinds 2016 is Rob actief als (panel)lid van de Nederlandse coördinatiegroep van het IPCC. De Nederlandse IPCC coördinatiegroep coördineert de Nederlandse IPCC-activiteiten. Dat houdt onder andere in het nomineren van mogelijke Nederlandse auteurs voor geplande IPCC rapporten, het uitvoeren van zg ‘Government’ en ‘Expert’ Reviews van concept rapporten en het samenstellen en instrueren van Nederlandse IPCC Delegaties. Samen met EZ, PBL, IenW vormen zij de afvaardiging van de Nederlandse regering op de plenaire meetings van IPCC.

Rob heeft al eerder lezingen gegeven aan de LWSK: in 2018 over El Niño en in 2020 over hozen en tornado’s in Nederland.

Onderwerp: Kantelpunten in het klimaat

In zijn lezing vanavond licht Rob Groenland eerst kort de uitkomsten van het IPCC-rapport toe. In alle gebieden in de wereld hebben zich snelle klimaatveranderingen voltrokken, die zich manifesteren in een toename van weersextremen. De mondiaal gemiddelde temperatuur is in het laatste decennium tot 1,1°C (0,8°C tot 1,3°C) gestegen ten opzichte van de pre-industriële periode 1850-1900. Het tempo van mondiale opwarming is ongeëvenaard in tenminste de laatste tweeduizend jaar. Sommige veranderingen zijn in de komende eeuwen tot millennia onomkeerbaar, zoals de opwarming van de oceanen, het smelten van de ijskappen en de stijging van de zeespiegel. De nadruk in deze lezing komt te liggen bij de kantelpunten in het klimaat. Bij een verdere temperatuurtoename neemt de frequentie en intensiteit van hittegolven, extreme neerslag en droogte toe. Ook het risico op het overschrijden van bepaalde fysische drempelwaarden in het klimaatsysteem, met abrupte en onomkeerbare klimaatveranderingen tot gevolg, wordt dan groter. We kijken ook naar mogelijke circulatieveranderingen tgv de opwarming in het Arctisch gebied, naar persistente blokkades en het afzwakken van de golfstroom.

 

Dinsdag 15 februari 2022

Spreker: Ir. V.J.H. (Victor) Trees

Onderwerp: Luchtkwaliteitmetingen vanuit de ruimte en zonsverduisteringen.

Victor studeerde Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek op de TU Delft. Tijdens zijn master Ruimtevaart (2018) ontdekte hij, door verschillende kleuren van gepolariseerd licht te combineren, een manier om oceanen te detecteren op exoplaneten. In 2019 publiceerde hij daar een artikel over in het tijdschrift Astronomy & Astrophysics. Daarna ging Victor een jaar naar de Universiteit van Oxford om verder onderzoek te doen naar (hete Jupiter-achtige) exoplaneten.
In 2020 begon Victor met zijn PhD-onderzoek in aardobservatie bij het KNMI en de TU Delft. In zijn PhD-onderzoek kijkt Victor naar het effect van schaduwen van wolken op luchtkwaliteitmetingen vanuit de ruimte met het in Nederland ontwikkelde satellietinstrument TROPOMI.
De wolkenschaduwen zorgen voor een verstoring van de luchtkwaliteitmetingen, omdat schaduwen nog niet worden meegenomen in de huidige atmosfeermodellen. Het doel van het onderzoek is om de luchtkwaliteitmetingen te verbeteren en om meer te leren over het effect van schaduwen op de atmosfeer in het algemeen.
Behalve wolkenschaduwen, kijkt Victor ook naar het effect van de schaduw van de Maan. Hij heeft een methode ontwikkeld om luchtkwaliteitmetingen te herstellen tijdens zonsverduisteringen, waarover hij zal vertellen tijdens de lezing.
Er komen veel onderwerpen aan bod: theorie over de atmosfeer en luchtkwaliteit, theorie over hoe satellieten de aarde observeren, maar ook theorie over zonsverduisteringen (positie van de Maan en de Aarde) en de zon (het zonnespectrum).

 

Dinsdag 25 januari 2022

Spreker: Dr. D.F.E. (Dorothea) Samtleben

Onderwerp: Neutrino’s in de Middellandse Zee

Neutrino’s zijn extreem lichte elementaire deeltjes die in grote hoeveelheden door het heelal schieten, en zich weinig aantrekken van de andere materie: zo schieten ze dwars door de aarde heen, en bijvoorbeeld ook door uw lichaam. Slechts zelden laat een neutrino zich detecteren.
Er valt nog veel te begrijpen over hun exacte eigenschappen (bijvoorbeeld massa) en gedrag. Het zijn heel aantrekkelijke kosmische boodschappers, omdat ze zelfs informatie uit het binnenste van verre kosmische bronnen kunnen leveren.
Het neutrino telescoop KM3NeT word nu gebouwd op de grond van de Middellandse Zee en zal nieuwe inzichten geven zowel bij onbeantwoorde vragen over het neutrino zelf als over de oorsprong van de kosmische straling.
In de lezing leg ik uit wat wij tot nu toe weten over het neutrino en kosmische neutrino bronnen en presenteer ik het neutrino telescoop KM3NeT met oog op toekomstige metingen.

Dinsdag 20 april 2021

Spreker: Prof. Dr. Henny Lamers

Prof. Henny Lamers studeerde natuurkunde en sterrenkunde in Nijmegen, Utrecht en Princeton (USA). Hij is emeritus hoogleraar Astrofysica en Ruimte-Onderzoek aan de Universiteit Utrecht en de Universiteit van Amsterdam. Zijn onderzoeksterrein bestrijkt vele facetten van de evolutie van sterren, de laatste jaren doet hij onderzoek met de Hubble Space Telescope naar sterhopen en botsende melkwegstelsels. Hij publiceerde rond 450 wetenschappelijke artikelen in internationale vaktijdschriften, zeven vakboeken, en 25 artikelen en vier populaire boekjes voor algemeen publiek. Hij gaf meer dan 500 populaire lezingen over sterrenkunde voor leken in binnen- en buitenland, inclusief een serie van acht lezingen tijdens een ‘rafting trip’ in de Grand Canyon in 2011.

Vanaf 1974 tot zijn emeritaat in 2006 gaf hij colleges aan de Universiteit Utrecht. In 2003 door studenten gekozen als de beste docent. Van 1978 tot 1990 gasthoogleraar aan de Universiteiten van Colorado en Wisconsin en sinds 2004 aan de Universiteit van Washington in Seattle. Van 1992 tot 2000 visiting scientist aan het NASA Goddard Space Flight Center in Washington en het Hubble Space Telescope Institute in Baltimore. Voorzitter van de selectiecommissies voor waarnemingsprogramma’s voor van de European Southern Observatory (ESO), de International Ultraviolet Explorer (IUE) en de Hubble Space Telescope. Lid van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen en in 2014 benoemd tot erelid van de American Astronomical Society. De Internationale Astronomische Unie heeft aan planetoïde naar hem genoemd, nr 12635 heet voortaan HennyLamers.

Onderwerp: Sterhopen: Raadsels rond hun ontstaan en uiteenvallen

Samenvatting:

Aan de hemel kunnen we prachtige sterrenhopen zien. Er zijn twee soorten sterrenhopen.

Open sterhopen bevatten duizenden tot tienduizenden sterren en zijn relatief jong; de meeste zijn jonger dan een paar honderd miljoen jaar. Open sterhopen draaien in het vlak van de melkweg om het centrum. Bolhopen daarentegen zijn heel oud, tot 12 miljard jaar toe, en bevatten honderdduizenden tot miljoenen sterren. Bolhopen bewegen in een grote bol, die we de halo noemen, om het centrum van de melkweg. Hoe komt het dat er twee soorten sterrenhopen zijn? Hoe zijn ze ontstaan? Waarom bewegen ze in verschillende soorten banen? Waarom hebben de bolhopen veel minder zuurstof, koolstof enz. dan open sterhopen? Alle sterren worden geboren in sterrenhopen. Toch zijn er in onze melkweg veel meer losse sterren dan sterren in sterrenhopen. Hoe komt dat? De sterren van een sterhoop zijn allemaal bijna tegelijk geboren uit een reusachtige gaswolk en moeten dus aanvankelijk allemaal dezelfde chemische samenstelling hebben gehad. Maar met de Hubble Ruimte Telescoop is ontdekt dat de sterren in bolhopen zeer merkwaardige verschillen in samenstelling vertonen die niet verklaard kunnen worden door hun evolutie. Hier is dus iets vreemds aan de hand. Aanvankelijk dacht men dat het om uitzonderingen ging, maar het is inmiddels duidelijk dat bijna alle bolhopen dit raadselachtige patroon vertonen. Hoe meer sterren een bolhoop heeft, des te vreemder zijn de verschillen in samenstelling. De spreker zal de eigenschappen van de bolhopen en open sterhopen bespreken en uitleggen waardoor ze ontstaan zijn. Hij bespreekt ook mogelijke verklaringen voor de vreemde chemische samenstellingen van sterren in bolhopen. Daarbij spelen misschien zelfs superzware sterren en zware zwarte gaten een rol. Maar er blijven genoeg raadsels over!

Dinsdag 18 mei 2021

Spreker: Prof. Dr Ed P.J. van den Heuvel

Prof. Ed van den Heuvel (Soest, 2 november 1940) is emeritus hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam. Van den Heuvel werd vooral bekend door zijn werk op het gebied van vorming en evolutie van compacte objecten (neutronensterren, zwarte gaten en witte dwergen) in dubbelsterren en op het gebied van de studie van gammaflitsen.
Van den Heuvel studeerde wiskunde, natuurkunde en sterrenkunde aan de Universiteit van Utrecht. In maart 1968 promoveerde hij daar op een onderzoek over de rotatie van sterren. Na zijn promotie was hij onder andere postdoctoral fellow aan de Universiteit van Californië – Santa Cruz, wetenschappelijk medewerker en lector aan de Universiteit Utrecht en hoogleraar astrofysica aan de Vrije Universiteit Brussel.
Hij vervulde onder meer bestuursfuncties bij de KNAW, de Stichting Ruimte Onderzoek Nederland, de Stichting ASTRON te Dwingeloo en bij Diergaarde Artis, waar hij een van de oprichters was van het planetarium.
Van den Heuvel werd voor zijn werk onderscheiden met het eredoctoraat van de Katholieke Universiteit Leuven, de Spinozaprijs (1995), de Descartesprijs van de Europese Unie (2002) en de Viktor Ambartsumian International Science Prize (2018).

Prof. Van den Heuvel is Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw en lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (sinds 1982), honorary member van de Indian Academy of Sciences, Associate Fellow van de Royal Astronomical Society (Londen), en honorary Fellow van het Inter University Center for Astronomy and Astrophysics te Pune, India. Hij werkte verder in 1974 als gastonderzoeker aan het Institute for Advanced Study te Princeton en in 1991 als programmaleider aan het Institute for Theoretical Physics van de Universiteit van Californië – Santa Barbara.

Onderwerp: De evolutie van sterren en hun eindproducten: Witte Dwergen, Neutronensterren en Zwarte Gaten; bronnen van zwaartekrachtsgolven.

Samenvatting:

Sterren met een massa kleiner dan 8 maal de massa van de Zon laten aan het einde van hun leven een Witte Dwerg achter: een ster ongeveer even groot als de Aarde, maar met een massa vergelijkbaar met die van de Zon (ca 300 000 maal de massa van de Aarde).
Sterren zwaarder dan 8 maal de Zon laten aan het einde van hun korte leven (minder dan 20 miljoen jaar) een Neutronenster of een Zwart Gat achter. Een neutronenster heeft een massa van ongeveer 400 000 maal die van de Aarde, maar een middellijn niet groter dan 20 km, dus even groot al Amsterdam. Zwarte gaten hebben massa’s groter dan ongeveer een miljoen maal die van de Aarde, maar de middellijn van hun horizon (de afstand vanaf het centrum van het Zwarte Gat van waarbinnen je nooit meer kunt ontsnappen) is slechts enkele tientallen km groot.
We kennen thans meer dan 3000 neutronensterren in de Melkweg, waarvan de meeste alleen zijn, maar ook enkele honderden in dubbelsterren. We kennen in de Melkweg ook enkele tientallen zwarte gaten, deze zijn altijd in dubbelsterren, met een gewone ster als begeleider. Onder de neutronensterren in dubbelsterren zijn er thans 20 bekend die uit twee neutronensterren bestaan, die in nauwe banen om elkaar heel bewegen. Zulke dubbelsterren, waarin twee zeer zware objecten om elkaar heen bewegen, zenden zwaartekrachtsgolven uit: rimpelingen van de ruimte, die zich met de lichtsnelheid voortbewegen. In 2015 zijn zulke golven voor het eerst gemeten. Deze bleken afkomstig van dubbele zwarte gaten – op afstanden van miljarden lichtjaren – die zeer snel in banen om elkaar heen bewogen vlak voordat deze gaten met elkaar versmolten. Ook is eenmaal de versmelting van een dubbele neutronester waargenomen, op een afstand van ongeveer 40 miljoen lichtjaren. In de lezing wordt ingegaan op deze ontdekkingen, waarvoor de ontdekkers in 2017 de Nobelprijs Natuurkunde werd toegekend.

Dinsdag 15 juni 2021

Spreker: Prof. Dr. Huib Jan van Langevelde

Huib Jan van Langevelde is werkzaam bij JIVE (Joint Institute for VLBI ERIC), een Europese organisatie voor radiosterrenkunde, gevestigd bij ASTRON in Dwingeloo. JIVE ondersteunt het Europese VLBI Netwerk, waarin radiotelescopen uit de hele wereld samenwerken om sterrenkundigen in staat te stellen om hele precieze plaatjes te maken van radiobronnen in het heelal. Hij kwam als kind al op bezoek op de Oude Sterrewacht en studeerde sterrenkunde in Leiden. Bij JIVE was hij van 2007 tot 2017 directeur. Hij is ook hoogleraar in Leiden en sinds de zomer van 2020 de directeur van het internationale  project “The Event Horizon Telescope”, waarmee het eerste plaatje van het Zwarte Gat in M87 werd gemaakt.

Onderwerp: Zwarte gaten en de Event Horizon Telescope

In zijn lezing zal hij vertellen hoe het plaatje tot stand kwam van de schaduw van het Zwarte Gat in M87, dat in het voorjaar van 2019 veel in de publiciteit kwam. Hij zal uitleggen wat de oorsprong is van de radiostraling die in kaart werd gebracht en hoe dit resultaat werd bereikt door gevoelige telescopen over de hele wereld te laten samenwerken. Speciale aandacht zal er zijn voor wat de Event Horizon Telescope kan meten aan het Zwarte Gat in Sagittarius A, de radiobron in het centrum van de Melkweg.

Dinsdag 21 september 2021

Spreker: Dr. Ir. Peter Siegmund

Onderwerp: Klimaatverandering en het nieuwe IPCC rapport

Dinsdag 19 oktober 2021

Spreker: Prof. Dr. Harold Linnartz

Onderwerp: Het geheim van de diffuse interstellaire banden

Dinsdag 16 november 2021

Spreker: Dr Ashley R. Bemis

Onderwerp: Star Formation from Molecular Clouds Across Galaxies

Dinsdag 14 december 2021

Spreker: D.M. (Dirk) van Dam MSc

Dirk van Dam is geboren in Venezuela. Op zijn 18e naar Nederland gekomen om eerst Werktuigbouwkunde (BSc) te studeren aan de Technische Universiteit Delft. Daarna nam de belangstelling voor sterrenkunde sterk toe en volgde (2018) een studie Sterrenkunde en Instrumentatie in Leiden (MSc). Promotieonderzoek “Seeing the Shadows of Giant Circumplanetary Rings: Studying Planet and Moon Formation” is gericht op exoplaneten (vorming, karakterisering van de atmosfeer, variabiliteit) en de astronomische instrumentatie, vooral beeldvormings-technieken met hoog contrast, om exoplaneten en andere objecten die verborgen zijn door de stellaire halo te ontdekken. Focus op de grote geringde planeet J1407b. Daarnaast ontwikkeling en bouw van een prototype camera die eenvoudig en accuraat NO2 kan meten in de lucht.

Onderwerp: De ringen om exoplaneten

In de lezing zal worden besproken hoe we exoplaneten met ringen kunnen vinden, en waarom ze belangrijk zijn voor ons begrip over het formatieproces van planeten en manen.